Hoofdstuk 1: De reizen in kaart gebracht
Door Lex Ritman
(Eerder gepubliceerd in het tijdschrift 'Striprofiel' 4e jaargang, nummer 1; maart / april 1977)
Om Eric de Noorman zijn 66 avonturen te kunnen laten beleven, heeft Kresse zijn koene held nogal wat reizen moeten laten maken. Om al deze omzwervingen in kaart te kunnen brengen werd zoveel mogelijk gebruik gemaakt van oude handboeken, atlassen en geschriften, waarbij telkens, indien zinvol, argumenten worden genoemd om tot een bepaalde route te komen.
Vanzelfsprekend zullen niet alle details juist kunnen zijn, aangezien bepaalde gegevens nu eenmaal in Eric ontbreken. Het was helaas onmogelijk om van het gehele Ericoeuvre één grote kaart te maken, daar u anders door de bomen het bos niet meer zou zien, vandaar dat het geheel op twaalf kaarten wordt voorgeschoteld.
| Kaart 1: De Steen van Atlantis t/m De Valse Koning |
Eric vertrekt per schip uit Noorwegen om zich een bruid te zoeken en belandt daarbij in Atlantis. Na vele avonturen gaat hij per boot weer richting Noorwegen terug over de Atlantische Oceaan. Helaas wordt hij door piraten gevangen genomen, waarop hij in een Arabisch aandoend piratennest belandt, tussen slaven, kamelen en oasen. Ontsnapt uit de handen van de Sultan van Akaiim bereikt hij de kust om vervolgens ontvoerd te worden naar het tropische rijk van de tovenares Dzilah. Gelukkig weet Eric uit dit rijk van magie, olifanten en krokodillen te ontkomen en gaat hij over land naar het Indiaanse deel van Atlantis terug. Met een vliegtuig ontkomt hij met Winonah, zijn vrouw, en de dwerg Pum Pum. Zijn geliefde echtgenote heeft een Indiaanse naam.
Tot ieders schrik stort het vliegtuig neer nabij een woestijnachtige kust en moeten zij langs het verlaten strand verder. De Romeinse nederzetting die ze bereiken, kan slechts Tingis, het huidige Tanger, in Tingitana zijn. Over zee gaat de tocht verder naar het oude Rome. Na de dood van de Romeinse keizer Commodus vluchten Eric, Winonah en Pum Pum te paard en trekken over de hoge Alpen noordwaarts om tenslotte een met naaldwouden en duinen bedekte kust te bereiken, alwaar ze kennis maken met Leif, de aanvoerder van de bewoners, die zich onder zijn leiding verdedigen tegen de aanvallen van de Vikingen. Nadat die invallers verslagen zijn, vertrekt Eric met zijn gezelschap in een drakkar naar Noorwegen, alwaar hij zijn neef, de valse koning, verslaat. |
| Kaart 2: Het Wapengericht t/m De Zoon van Eric |
![]() |
In het achtste verhaal verslaat Eric in Noorwegen de moordenaar van zijn vader, koning Wogram. In ruil voor verleende steun, is hij nu verplicht om voor Lauri de magiër een goudschat op te halen in een ver land. Hij vertrekt met zijn drakkar in zuidelijke richting en na lange tijd bereikt hij een tropische archipel. Vervolgens belandt hij, tussen twee eilanden doorvarend, in het rijk der Ozmecs ( = Olmeken) in de Golf van Mexico. Helaas verlaat hij deze streken aan de kust van de Grote Oceaan en komt zo in 'De Dodenridders' (10) in Australië aan, zoals bijvoorbeeld uit de afbeelding van een emoe (struisvogel) blijkt. Na zijn belevenissen in het rijk van Mu gaat hij via Polynesië, in 'Het Geheim van het Grafgewelf' (12), naar China. Aan de kust geland en ontsnapt aan piraten, weet Eric tenslotte over land Peiping ( = Peking) te bereiken. Door de vele verwikkelingen en een Japanse invasie komt hij op een gegeven moment aan de Gele Rivier ( = Hoang-Ho) terecht. Gelukkig weet hij aan alle gevaren te ontsnappen en kan hij, langs de Kaap en Brittannië varend, het verre Noorwegen eindelijk weer zien opdoemen.
| Kaart 3: De Zwarte Ruiter t/m Het Moerasmonster |
In deze negen verhalen houdt Eric zich hoofdzakelijk in zijn dierbare Noorwegen op. De Zwarte Ruiter brengt hem naar een oostelijk leen en in 'De Koning der Steppen' (18) bevindt Eric zich in een oostelijk steppengebied, waar hij een nomadenkamp bezoekt. Ook in 'De Vloek van het Goud' (23) gaat hij naar het oosten, maar hij blijft nu binnen de grenzen van het Noorse rijk, waar gelukkig geen echte monsters wonen, zoals hij op zijn terugtocht in 'Het Moerasmonster' (24) merkt. Bij al deze tochten blijkt een paard onmisbaar te zijn. |
| Kaart 4: Het Land der Duisternis t/m De Heer der Heruli |
Eric, die het reizen blijkbaar niet laten kan, gaat met enkele vrienden in een Vikingschip naar het oosten, moet daarbij tegen een noordoostenwind invaren. Tot zijn grote schrik moet hij tegen een gloeiende golfstroom worstelen om vervolgens in een mistbank te raken. Meegevoerd door deze stroming bereikt hij het land der duisternis, dat aan de Baltische kust lag en, voor zover het oog reikte, uit duinen bestond. Pas veel later keert Eric met de zijnen behouden naar Noorwegen terug, zij het nog na zeer nare ervaringen in 'De Burcht van Myrkven' (26) in een duinrijk en moerassig land. |
| Kaart 5: De Geschiedenis van Bor Kahn t/m Het Teken der Joms |
In een poging om het magische zwaard Tyr onschadelijk te maken, gaat Eric met zijn trouwe vrienden Orm en Halfra met een drakkar in noordoostelijke richting, gesteund door een noordwestelijke wind.Na een schipbreuk spoelen ze aan op een sneeuwrijke kust. De avonturen zijn huiveringwekkend, het zwaard wordt aan de diepte van de zee toevertrouwd en de oostenwind voert Eric langs het eiland Bornholm naar huis terug. Nog lang denkt iedereen aan de verschrikkingen in de steppen van Rusland en de woeste nomaden - in werkelijkheid liggen die steppen veel zuidelijker. 'Gunnar de Gevreesde' (29), speelt zich op het vasteland van Noorwegen af, doch bij 'Svidjold's Offer' (30) vaart Eric langs de Noorse kusten en doet enkele eilanden aan. Na de mysterieuze moorden in 'Het Teken der Joms' (31) die in Noorwegen plaatsvinden, gaat Eric weer een verre reis maken. |
| Kaart 6: De Witte Raaf t/m De Wolf en de Havik |
Eric de Noorman gaat met zijn drakkar naar eilanden bij het vasteland van Schotland. Tot zijn verbazing ontmoet hij de piraat Ragnar de Rode.Eric vervolgt zijn reis en gaat aan wal in Schotland, in de Hooglanden. Vervolgens begeeft hij zich met zijn schip naar Brittannië, waar hij Morcar de Sakser aantreft. Na ook hier weer orde op zaken gesteld te hebben, vaart Eric langs de kust naar het zuiden, gaat langs de krijtrotsen en vervolgt zijn route in noordelijke richting. In 'De Scheepsbouwer' (33) trekt hij, via de Nederlandse waddeneilanden, in noordelijke richting naar de sterkte van Edzar de Sakser, die achter de duinen ligt. Na afgerekend te hebben met de Saksische piraten, bereikt zijn schip uiteindelijk toch weer Noorwegen. Te voet trekt Eric langs de overwoekerde heirbaan naar zijn, helaas in tussentijd verwoeste burcht.
|
| Kaart 7: De Prooi van de Rode Rots t/m De Grote Beslissing |
Op zoek naar zijn vrouw Winonah zwerft Eric over de Britse Zee ( = Noordzee) en komt in Hjaltland ( = Shetland). De vijandige houding van de bewoners doet hem ijlings naar het vasteland van Schotland uitwijken, waar hij in botsing komt met de Pictische stam de Fir-Iboth. Hierbij redt Eric zijn Saksische vriend Svein Langtand van een wisse dood. De tocht wordt voortgezet, varend in zuidelijke richting langs de kust van Alba ( = Schotland). De oversteek naar Ierland wordt gewaagd. Eric komt in het gebied van Koning Saran, heerser van Ulaid ( =Ulster). Vergeefs is de reis niet geweest, want hij kan Winonah in zijn armen sluiten en daar is het tenslotte allemaal om begonnen, nietwaar ?
In 'De Gouden Droom' (37) reist het gezelschap langs een eiland, dat onveilig wordt gemaakt door Noorse piraten. Uiteindelijk wordt het land der Picten ( = Schotland) weer aangedaan en ontbrandt de strijd om een Romeinse helm. Moe van alle doorstane ontberingen willen Eric en de zijnen nog slechts één ding: terug naar Noorwegen! Het is echter te laat in het seizoen en Eric besluit op één der noordelijke eilanden, Harragh, te overwinteren. Dit eiland, rijk aan naaldwoud, behoort mogelijk tot de Hebriden, want na 'De Grote Beslissing' (40) varen Eric en zijn zoon Erwin in noordelijke richting naar de noordpunt van Alba, terwijl nog veel later Vikingen vanuit Noorwegen voorbij Hjaltland varen om Winonah van Harragh op te halen. De Orkaden (Orkney) komen niet in aanmerking, mede i.v.m. het ontbreken van bossen aldaar.
|
| Kaart 8: De Banneling van IJsland t/m Ingrid |
Via IJsland gaat Eric naar de wateren nabij Groenland. Hoewel hij schipbreuk lijdt, weten de Vikingen toch het land van belofte (Amerika) te bereiken. Mogelijk kwam hij ergens in de buurt van Labrador of Newfoundland en misschien voer hij over de St. Lawrence. In elk geval kwam Eric in 'Het Land der Witte Mannen' (42) behalve Indianen ook Kelten tegen. Misschien is Amerika vóór de Vikingen kwamen, inderdaad reeds door de Kelten bezocht. Na de gebeurtenissen in 'De Zwarte Piraat' (45), waarin Eric zijn uit Noorwegen ontvluchte zoon Erwin ontmoet, keert men naar Noorwegen terug. Eric stelt er orde op zaken en Erwin trouwt met Ingrid. |
| Kaart 9: Het Bronzen Paardje t/m De Onwillige Held |
Aangezien Eric nu eenmaal geen rust kent, gaat hij via de door Saksers beheerste kuststrook - gekenmerkt door duinen - westwaarts varend naar het noorden van Schotland (48). In 'De Stormvogel' (49) bevindt hij zich op de burcht van Tanach de Pict. Wegvarend uit het gebied van Tanach, komt Eric bij de Noordelijkste punt van Alba en zwaait af naar Ierland (50). Natuurlijk herstelt hij ook hier weer het gezag en vaart via het eiland van 'De Vissers van de Zwarte Klip' (51) naar het zuiden en bereikt het Pictenland (Schotland dus). Via zee belandt hij even later in Brittannië bij de vorst Vortigern. In 'De Onwillige Held' (54) dwaalt Eric wat verdwaasd rond om uiteindelijk in Wales op te duiken, het startpunt voor de terugreis naar Noorwegen. |
| Kaart 10: De Huid van de Beer t/m De Gezworenen |
![]()
|
|
Terug in Noorwegen beginnen de problemen opnieuw. Reeds in 'De Schaduw der Steppen' (56) gaat Eric met een drakkar naar het zuiden en vaart een rivier op. Gallië (Frankrijk) is bereikt en er staan hem en Svein Langtand spannende avonturen te wachten. Misschien is de genoemde rivier de Seine. In 'De Vlammende Gesel' (57) bevindt Eric zich nog steeds in het door Attilla de Hun geteisterde land. In zuidelijke richting trekkend komt hij aan een bergpas bij de zilverrivier, die voor Gallië voor strategisch belang is, omdat Attilla hier definitief zou kunnen doorbreken. In 'Het Zevende Paardje' (58) gaat Eric eerst westwaarts, doch daarna ijlings weer terug naar de Bergpas. 'De Ring van Honoria' (59) schetst ons de politieke ontwikkeling, waarbij de Romeinse veldheer Aëtius een grote rol speelt als tegenstander van Attilla. In 'De Laatste Slag' (60) trekt Eric zich uit het strijdgewoel terug en slaat een noordelijke richting in, op weg naar huis. Opnieuw wordt hij echter in de strijd betrokken en gaat hij terug in zuidelijke richting naar Aurelianum ( = Orléans). Na het beleg door Attilla en de komst van Aëtius achtervolgt Eric de Hunnen, die zich naar het noordoosten terugtrekken. Op de Catalaunische Velden (nabij Châlons-sur-Marne) vindt de grote slag plaats in 451 na Chr. Nadat Attilla verslagen is, gaan Eric en de zijnen alleen naar het Noorden en varen weg van de duinrijke kust nabij Gesoriacum ( = Boulogne). Pas in 'De Gezworenen' (61) gaan ze uiteindelijk weer richting Noorwegen. |
| Kaart 11: De Pelsjager t/m De Stille Strijd |
In deze verhalen zwerft Eric rond in Noorwegen en in het gebied rond de Baltische Zee ( = Oostzee). Steeds scherper wordt de tegenstelling tussen Erwin en zijn vader tot de situatie zich in 'De Stille Strijd' (65) toespitst. |
| Kaart 12: De Eerloze Krijg |
|
Wat de route betreft: Eric reist, vanzelfsprekend per drakkar, in westelijke richting naar Brittannië, waarbij hij tenslotte als schipbreukeling aan land komt. Te paard begeeft hij zich met zijn krijgers naar het grensgebied tussen de Picten en de Britten, dat ergens bij de Romeinse muur lag. Na alle opdrachten voltooid te hebben keert hij terug in zuidelijke richting en vertrekt over de Britse Zee naar Noorwegen. |
Nawoord door de auteur.
Uit deze tekst en de twaalf kaarten kan men zich een totaalbeeld vormen van de omzwervingen van Eric de Noorman gedurende het grootste en belangrijkste deel van zijn leven. Bij dit artikel zijn 'De Jeugd van Eric', een geïllustreerd verhaal, en de latere belevenissen van Erwin, getekend in een ballonstrip, bewust buiten beschouwing gelaten. Wel kan nog vermeld worden dat Eric zijn jeugd hoofdzakelijk in of nabij Noorwegen doorbracht en dat Erwin, uiteraard veel later, zich vooral in het Niemandsland tussen Picten en Britten en later in het gebied der Britten zelf ophield.
Slotopmerkingen:
Het later (in 1985) door Hans G. Kresse getekende Ericverhaal 'De Vrouw in het Blauw', dat zich in Noorwegen afspeelt, wordt hier niet nader belicht. Een enigszins bijgewerkte versie van dit artikel is opgenomen in de volgende boeken van Lex Ritman: In het Spoor van Eric de Noorman (1998); tevens in het boek: In het Spoor van Eric de Noorman en Erwin de Noorman (2003, 1e druk en 2e herziene druk: Eric de Noorman en Erwin de Noorman), voor details wordt verwezen naar de pagina 'Literatuur'
Deze pagina is in voorbereiding
Deze website wordt in de loop van 2003/2008 ontwikkeld i.s.m. De 'Stichting Hans G. Kresse'.